|
HEUPDYSPLASIE
Heupdysplasie is een
door erfelijke faktoren
en uitwendige invloeden
bepaalde
ontwikkelingsstoornis
van de heupgewrichten.
Sommige honden
ondervinden hiervan
ernstige hinder. Er zijn
echter ook honden met
meer of minder ernstige
misvormingen van de
heupgewrichtstaten, die
daarvan geen last lijken
te hebben. De
beoordeling van het
gangwerk van deze honden
geeft onvoldoende
informatie over de
toestand van de
heupgewrichten.
Meer informatie hierover
kan worden verkregen met
behulp van
röntgenfoto's.
De HD commissie
Eén van
de taken van de HD
commissie, is de
beoordeling van
röntgenfoto's van de
heupgewrichten van
honden. De
röntgenfoto's, de
zogenaamde HD-foto's
kunnen in principe door
iedere praktiserende
dierenarts worden
gemaakt. HD-foto's
worden gezamenlijk
beoordeeld door
deskundige beoordelaars
in HD -commissie. Een zo
objectief mogelijke
beoordeling van de
foto's die voor de
HD-bestrijding
onontbeerlijk is, wordt
daarmee zo goed mogelijk
gewaarborgd. De
beoordeling van
HD-foto's heeft ten doel
informatie te
verschaffen aan fokkers
en rasverenigingen die
gegevens over
heupdysplasie in hun
selectieprogramma willen
gebruiken. Röntgenfoto's
die bij binnenkomen
worden maandelijks
beoordeeld. Nadat de
beoordelingskosten door
commissie zijn
ontvangen, wordt de
uitslag verzonden,
tenzij de foto's niet
aan de technische eisen
voldoen.
HD-foto's
Voor een goede
beoordeling van de
heupgewrichten is er een
röntgenfoto van de hond
in rugligging nodig:
Eén opname met gestrekte
achterbenen waarbij de
hond exact recht moet
liggen. Terwille van de
betrouwbaarheid van de
beoordeling worden er
hoge eisen gesteld aan
de kwaliteit en de
documentatie
(identificatie) van deze
röntgenfoto's. Wanneer
niet aan deze eisen is
voldaan, krijgt de
dierenarts die de
röntgenfoto's heeft
gemaakt, daarvan bericht
met een aantekening over
hetgeen eraan mankeert
met een verzoek om
nieuwe röntgenfoto's te
maken. Een dergelijk
verzoek wordt direct na
de beoordeling van de
röntgenfoto's verzonden.
Deze moet dan kontact
opnemen met de eigenaar
van de hond om een
afspraak te maken voor
het maken van nieuwe
HD-foto's. Het
beoordelen van deze
nieuwe foto's wordt niet
opnieuw in rekening
gebracht.
Rapport-Heupdysplasie-Onderzoek
Op het
Rapport-Heupdysplasie-Onderzoek
treft u de definitieve
beoordeling aan, de
F.C.I.-beoordeling, en
een aantal gegevens die
een verklaring geven
voor de definitieve
beoordeling. De
aanduiding HD A
(=negatief) betekent dat
de hond röntgenologisch
vrij is van
heupdysplasie, wat
echter niet betekent dat
de hond geen "drager"
van de afwijking kan
zijn. HD B
(=overgangsvorm)
betekend dat op de
röntgenfoto's geringe
veranderingen zijn
gevonden, die weliswaar
toegeschreven moeten
worden aan
heupdysplasie, maar
waarvan in het kader van
de fokkerij geen directe
betekenis kan worden
toegekend. De aanduiding
HD C (=licht positief)
of HD D (=positief)
betekent dat bij de hond
duidelijke
veranderingen, passend
in het ziektebeeld van
HD zijn gevonden.
Wanneer de
heupgewrichten ernstig
misvormd zijn wordt die
aangegeven met HD E
(=positief in optima
forma).
F.C.I.-beoordeling
De F.C.I.-beoordeling
is een vertaling van de
HD-beoordeling naar een
internationaal geldende
code, waardoor het
mogelijk wordt de
HD-uitslagen uit de bij
de F.C.I. aangesloten
landen te vergelijken.
De
beoordeling van
onderdelen
Bij de beoordeling van
HD-foto's wordt gelet op
de vorm van de
heupkommen en de
heupkoppen, de diepte
van de heupkommen, de
aansluiting van de
heupkoppen in de
heupkommen en de
aanwezigheid van
botwoekering langs de
randen van de
heupgewrichten.
Informatie over de
diepte van de heupkommen
en de aansluiting van de
koppen in de kommen
wordt onder andere
verkregen uit de
zogenaamde "Norbergwaarde",
die wordt gemeten op de
röntgenfoto. De
Norbergwaarden van
linker en rechter
heupgewricht worden bij
elkaar opgeteld en geven
samen de op het rapport
vermelde "som
Norbergwaarden". Bij een
normaal heupgewricht is
de Norberwaarde minstens
15, de som van de
Norbergwaarden van beide
heupen derhalve minstens
30. Honden met een te
lage Norbergwaarde
hebben dus ondiepe
heupkommen en/of een
slechte aansluiting van
de gewrichtsdelen. Deze
honden zullen dus een
minder gunstige
HD-beoordeling krijgen.
Een normale of zelfs
hoge Norbergwaarde
betekent echter niet
zonder meer dat de
betreffende hond goede
heupgewrichten heeft.
Een combinatie van diepe
heupkommen en
incongruentie van de
gewrichtsspleet (een
niet overal even brede
gewrichtsspleet) of
onvoldoende aansluiting
van de gewrichtsdelen
kan, zelfs bij een hoge
Norbergwaarde, leiden
tot een (licht)-HD-positief
beoordeling. Ook wordt
informatie over de
diepte van de heupkommen
verkregen door te
beoordelen hoe het
centrum van de heupkom
ligt t.o.v. de bovenrand
van de heupkom. Naast de
Norbergwaarde, de diepte
van de heupkommen en de
aansluiting van de
gewrichtsdelen, wordt de
uitslag ook beïnvloed
door de aanwezigheid "bot-afwijkingen".
Er is een rechtstreekse
koppeling tussen de
ernst van de
bot-afwijking en de
uitslag: zeer lichte
bot-afwijkingen (1)
leiden tot de
beoordeling HD B, lichte
(2) bot-afwijkingen
leiden tot de
beoordeling HD C, en
ernstige (3)
bot-afwijkingen leiden
tot de beoordeling HD D.
De aanduiding
"vormveranderingen"
betreft meestal een meer
of minder duidelijke
afvlakking van de
voorste rand van de
heupkom. Maar heeft
indien dit de enige
bemerking is over het
gewricht, in het
algemeen geen
doorslaggevende
betekenis voor de
einduitslag.
HD-beoordeling
Alle gegevens samen
bepalen de definitieve
beoordeling, waarbij het
ongunstigste onderdeel
uiteindelijk de doorslag
geeft. Een bepaalde
HD-beoordeling kan
bepaald zijn door
uitsluitend de diepte
van de heupkommen, door
de aansluiting van de
gewrichtsdelen, de
aanwezigheid van
botwoekeringen, of door
een combinatie van twee
of alle drie onderdelen,
en dit is weer te
herleiden uit de
verschillende gegevens
zoals die op het
certificaat zijn
vermeld.
De Norbergwaarde
Van beide heupkoppen (1)
wordt het middelpunt
bepaald en deze
middelpunten worden
verbonden door een lijn.
In beide heupgewrichten
wordt vanuit dit
middelpunt een lijn
langs de voorste rand
van de heupkom (2)
getrokken. De hoek (3)
die beide lijnen in het
middelpunt van de
heupkop met elkaar
maken, minus 90, geeft
de Norbergwaarde van het
betreffende
heupgewricht. De
Norbergwaarden van
linker en rechter
gewricht bij elkaar
opgeteld geeft de "som
Norbergwaarden".
Uw
hond en HD
Eigenaren van honden waarvan officieel
HD-foto's zijn gemaakt
vragen de dierenarts die
de foto's gemaakt heeft
nogal eens naar zijn of
haar mening over de
toestand van de
heupgewrichten. Wanneer
de eerste indruk van de
dierenarts milder is dan
de uiteindelijke
definitieve uitslag, kan
dit aanleiding zijn tot
teleurstelling bij de
eigenaar van de hond. De
HD- commissie adviseert
dierenartsen daarom geen
uitspraken te doen over
de toestand van de
heupgewrichten. Van
honden die niet vrij
blijken te zijn van
heupdysplasie, maar die
hiervan geen uiterlijke
verschijnselen tonen,
kan op grond van deze
foto's niet voorspeld
worden of ze vroeger of
later problemen kunnen
krijgen. Ook wanneer
vrij duidelijke
misvormingen worden
gevonden betekent dat
niet dat de hond er
beslist last van moet
krijgen, het is dan wel
verstandig om erop toe
te zien dat de hond niet
te zwaar wordt en dat
ook anderszins
overmatige belasting van
de heupgewrichten wordt
vermeden. Dit is
vanzelfsprekend wel
afhankelijk van de eisen
die aan de hond gesteld
worden als huishond of
als werkhond. In geval
van twijfel kunt u dit
met uw dierenarts
bespreken.
HD
en fokkerij
De HD-beoordeling
geeft uitsluitend
informatie over de
toestand van de
heupgewrichten van de
individuele hond.
Gegevens over de
HD-beoordelingen van
ouders, nestgenoten en
nakomelingen zullen
bijdragen tot een
nauwkeurigere indruk
over de fokwaarde van de
betreffende hond, het is
daarom van belang dat de
rasverenigingen over
alle uitslagen kunnen
beschikken en dat alle
HD-foto's die gemaakt
worden ook ter
beoordeling aan de
HD-commissie worden
voorgelegd, ook indien
door de dierenarts
duidelijke afwijkingen
aan de heupgewrichten
worden gevonden. Het is
wenselijk uitsluitend
met HD-vrije honden te
fokken, omdat dan de
kans op HD bij de
nakomelingen het kleinst
is. Bij rassen waarvan
maar weinig honden
beschikbaar zijn en bij
rassen waarin HD vaak
voorkomt is dit helaas
niet mogelijk.
|